|
|
| Regel 1: |
Regel 1: |
| Met een timide beweging tekende zijn hand een fictieve streep in de ijskoude lucht. Hij lag zwaar gewond op de tot ijs geworden rots. In zijn gedachten speelde het verschrikkelijke gevecht zich nogmaals af. Hij zocht iemand; maar ik kon niet met zekerheid zeggen of ik die iemand was. Ik had hem precies in het tienvoudig vergrotende vizier van mijn machinekarabijn die in de hoogste regionen van het aziatische Trans-himalaje gebergte evenzo vreemd overkwam als ik zelf. Beiden hadden in deze streken totaal geen recht van bestaan. Hier hoorden noch een blanke man nog een amerikaans wapen thuis. Veertig meter achter mij lag Hannibal. Zijn kleine figuur in het verwarmde uniform viel in het niet tegen de wilde, glinsterende eenzaamheid van het Kangdikar-massief. Ongeveer zesduizend en driehonderd meter hoog stak de tot ijs geworden top van de reusachtige berg in de ijskoude maar vooralsnog duistere hemel. ........
| | |