|
|
| Regel 1: |
Regel 1: |
| Heer Ollie heeft een erfenis van zijn oudtante Elisabeth gekregen: een landhuis en een schilderij met een doolhof en een oog. Samen met Tom Poes gaat hij naar het verwaarloosde huis. Oudtante wilde er namelijk de laatste jaren van haar leven niet meer wonen vanwege het schilderij. Bovendien blijkt het door allerlei afweermaatregelen bijna niet toegankelijk te zijn. Het lukt evenwel het kunstwerk te pakken te krijgen.<br>
| | |
| <br>
| |
| Buiten wachten de oosterlingen Iet en Karnagel hen op om het schilderij af te pakken, omdat ze het geheim ervan menen te weten. Dit geeft heer Ollie het bewijs dat het iets belangrijks moet zijn. Het is dan ook niet meer of minder dan het zoekgeraakte Opus 27 van Terpen Tijn en daar worden de gevolgen gauw van duidelijk: degenen die naar het schilderij kijken worden geplaagd door hun geweten.<br>
| |
| <br>
| |
| Door de gewetensnood van heer Ollie en Joost jegens elkaar is het vrij eenvoudig voor Iet en Karnagel om het schilderij te stelen en vervolgens charteren ze een vliegtuig om naar het door het werkje aangewezen doel te gaan. Heer Ollie en Tom Poes volgen met een even krakkemikkig toestel en ze weten de oosterlingen te achterhalen.<br>
| |
| In de woestijn bevinden zich de aan lager wal geraakte zakenlieden Super en Hieper, die pijnlijk getroffen worden door het toestelletje met Iet en Karnagel en er achter komen dat hun doel een piramide in de buurt is. Maar door gewetensnood getroffen lukt het geen van hen de weg te vinden in het doolhof erbinnen. Dat lukt de ook hier aanwezige Wammes Waggel wel, want hij kan het plaatje zonder problemen volgen en wijst de weg naar het Oog van Boor, een kostbare diamant die echter niet te benaderen is omdat het effekt van die edelsteen nog veel groter dan het oog uit het kunstwerkje is.<br>
| |
| Wammes Waggel besluit het werkje over te schilderen tot reclame voor zijn stalletje met soep en worst en zodoende toch wat klanten te trekken. Heer Ollie, Tom Poes, Super en Hieper laten zich dat goed smaken. Bovendien is de magie van het schilderijtje tenietgedaan.
| |