Geboren in het Noordwesten van Oregon en tussen de katten, honden, kippen, paarden en konijnen. Haar vader werkte als nucleair laborant en haar moeder was tot haar huwelijk inkoper van uranium. Tara’s eerste speelgoed was dan ook een oscilloscoop. Vader en moeder hadden in Tara’s jeugd een veelheid aan baantjes: meteoroloog, houthakker en muzikant, om er maar een paar te noemen, zodat Tara het moeilijk vond te beslissen wat ze wilde worden. Inmiddels is ze een verwoed lezer, speelt gitaar en viool, is een uitstekend paardrijdster, schildert, mag graag beeldhouwen en neemt zanglessen. In 1979 won Harper een beurs aan de universiteit van Oregon en studeerde journalistiek en communicatiewetenschappen. Tijdens haar studie schreef voor de krant The World. In 1984 haalde ze een graad in de technische natuurkunde en begon meteen op een een technisch laboratorium te werken. Het grootste deel van haar vrije tijd brengt ze door in de Amerikaanse wildernis en haar ervaringen heeft ze verwerkt in haar fantasyromans Spreker met wolven en De grijze gezel. In de Verenigde Staten is ze vooral bekend geworden door haar science fiction romans, waarvan Cat scratch fever en Wolf’s Bane genomineerd werden voor de Oregon Book Awards. Tara K. Harper heeft lang haar, blauwe ogen, drie katten, twee honden, en een broer en zus met wie ze een woning en verscheidene allergieën deelt. Ze woont in het noordwesten van Oregon, in de Verenigde Staten, en ze brengt daar haar dagen door met schrijven, bergbeklimmen, wildwaterklimmen en woudlopen.
