Varend voor de kust van Panama met de Vrijheid II komt kapitein Rob in aanvaring met een passerend stoomschip en hij kan ternauwernood het vege lijf redden. Gelukkig wordt hij opgepikt door een Chileense vrachtboot die hem aan land zet waar hij in een hospitaal behandeld moet worden. In dat hospitaal maakt hij kennis met Opa Larsen die hem een kluwen touw in handen drukt en een verward verhaal vertelt over een verborgen schat. Deze schat zou liggen op het 'paradijseiland'. Tot zijn verbazing loopt Rob ook zijn oude vriend Taaie Toon tegen het lijf en samen gaan zij op zoek. Het Historisch Oog van professor Prudon verleent hen daarbij goede diensten, maar zij weten niet dat er andere kapers op de kust zijn.


