De nieuwe morgen is een representatieve bloemlezing van hedendaagse fantastiek in Nederland en Vlaanderen, samengesteld en ingeleid door kenner Manuel van Loggem. In dit meeslepende leesboek vol verrassingen, opgebouwd volgens geboortejaar van de schrijvers, zijn meer dan dertig verhalen opgenomen van schrijvers die in het algemeen niet allen tot de 'fantastische schrijvers' gerekend worden: hun verhalen variëren van sprookjes (Carmiggelt, Claus, Hermans), 'tweede-wereld-verhalen' over dubbelgangers, duivels, heksen en weerwolven (Lampo, Hellinga, Morriën), tot gruwel- en horrorverhalen (Wolkers, Burkunk, Van Reen) en wat men dan de zuivere sciencefiction pleegt te noemen - toekomstfantastiek van zowel utopisten als doemdenkers (Eddy C. Bertin, Jaap Verduyn, Julien C. Raasveld). Bij deze grote verhalenbundel schreef Manuel van Loggem een verhelderende inleiding, een analyse van de leeslust en de emoties die het lezen opwekt: 'Een kleine berekening leert dat van de opgenomen verhalen er acht (20%) van vrolijke aard zijn, acht (20%) een tussenvorm innemen en drieëntwintig (60%) met gruwel zijn geladen. Iedereen kan dat nagaan. Optimistischer naturen dan ik komen misschien tot een andere berekening maar groot kan de afwijking niet zijn. Ik meen dat deze verdeling de geest van de tijd weergeeft en niet mijn eigen voorkeur. (...) Als maatstaven golden goed taalgebruik, een belangwekkend gegeven, oorspronkelijkheid van uitwerking en het liefst een verrassend einde waarmee de indruk van het geheel door een schok wordt versterkt. Dat er te huiveren valt onder het lezen ligt niet aan mij. Maar kwaad kan het niet. Plaatsvervangende angst is gezond.'


