In het door stammentwisten en oorlogsgeweld getekende Alba, het Schotland van weleer, is Rhiann, een jonge priesteres van de druïden, wanhopig op zoek naar liefde en geluk. Ze wordt daarbij ernstig gehinderd door een traumatisch verleden, door een jeugd die getekend is door gewelddadig fysiek misbruik.
Dan arriveert de Keltische prins Eremon op de kust van Alba, die op zijn beurt vertwijfeld op zoek is naar bondgenoten om zijn verloren overzeese troon te heroveren. Zijn komst heeft onverwachte gevolgen, zowel voor Eremon als voor Rhiann. Op aandringen van de machtigste druïde van de streek worden zij verenigd in een verstandshuwelijk. En dat schept verplichtingen. Voor beiden. Zo hebben Eremon en zijn kleine groep getrouwen hun handen vol aan de aanhoudende schermutselingen tussen de Schotse stammen, en aan de nieuwe vijand die vanuit het zuiden optrekt naar Alba. En Rhiann?
Zij kan het allemaal niet aan. Om aan de wurgende beklemming van haar nieuwe leven te ontsnappen, begint zij met instemming van Eremon aan een zelfgekozen louteringsproces, aan een spirituele reis die haar in staat moet stellen met de demonen van haar verleden te breken. Tegen beter weten in, zo lijkt het, want haar zwarte verleden laat zich niet zomaar afschudden.


